Towards a water-wise world Jaarverslag 2014

 

Onderzoek naar schaliegas in Noord-Brabant

19 november 2014BTO
Afvoeren afvalvloeistof Opvang/hergebruik frackvloeistof Boortoren Natuurgebied Afvalwater- verwerking Woongebied Grondwater Posidonia schalie 1000m 2000m 3000m 4000m Vergroten scheurtjes in schalie, zand houdt scheurtjes open Drinkwater- winning Schaliegas

Waterbedrijven nemen actief deel aan de discussie die loopt over schaliegaswinning in Nederland; een dergelijke activiteit in de ondergrond kan grote gevolgen hebben voor de beschikbaarheid van goed drinkwater. KWR doet met en voor de Nederlandse waterbedrijven onderzoek naar de consequenties van schaliegaswinning. Zo laat Brabant Water KWR onderzoeken wat de consequenties zijn in de eigen regio. Daar bevinden zich niet alleen schaliegas-sweet spots Boxtel en Haren, maar ook 43 diepe putten waarvan er 33 verlaten zijn. Het onderzoek maakt duidelijk dat bij eventuele schaliegaswinning zeer grondige monitoring nodig is om de kwaliteit van de bronnen voor drinkwater te beschermen.

Gaan we boren naar schaliegas? In Nederland loopt daarover een brede discussie, waarin ook de waterbedrijven hun verantwoordelijkheid nemen en meepraten. Eventuele schaliegasboringen zullen immers plaatsvinden in dezelfde ondergrond waaruit waterbedrijven grondwater putten om drinkwater te maken. KWR doet daarom onderzoek naar bijvoorbeeld de risico’s van schaliegasboringen voor de drinkwatervoorziening en naar de eisen waaraan eventuele boringen in ieder geval moeten voldoen om te zorgen dat de bronnen voor drinkwater, nu en in de toekomst, niet worden aangetast. Dit onderzoek, dat wordt uitgevoerd binnen het bedrijfstakonderzoek voor de waterbedrijven BTO, helpt de waterbedrijven om de overheid te wijzen op risico’s en te adviseren over eisen die in ieder geval moeten worden opgenomen in eventuele vergunningen. Daarnaast werkt KWR mee aan het fundamenteel-wetenschappelijke onderzoek ‘Schaliegas en Water’ van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), samen met verschillende universiteiten, onderzoeksinstituten en waterbedrijven.

“Je wil schaliegaswinning op ruime afstand houden van bestaande putten”

Oude en nieuwe boorputten goed monitoren

In Brabant zijn mogelijk winbare hoeveelheden schaliegas in de grond aanwezig, met name in de zogenaamde sweet spots Boxtel en Haren. Brabant Water laat KWR daarom specifiek de effecten van eventuele schade door gaswinning in de eigen regio bestuderen. Wat gebeurt er bijvoorbeeld bij de 43 bestaande (‘oude’) putten in deze regio, die zijn geboord voor exploratie van steenkool en koolwaterstoffen? Veel van deze putten zijn inmiddels afgesloten en verlaten, en het is binnen de watersector niet duidelijk of zij een actueel risico vormen voor verontreiniging van grondwater en of schaliegaswinning nieuwe risico’s kan meebrengen. Onderzoek van KWR laat zien dat het actuele risico klein is: bij onveranderd gebruik van de ondergrond is de kans op verplaatsing van gassen of vloeistoffen klein. Maar nieuwe activiteiten in de diepe ondergrond rond de afgedichte putten vergroten het risico. Onderzoeker Gijsbert Cirkel van KWR: “Daarom wil je schaliegaswinning op ruime afstand houden van bestaande putten, bijvoorbeeld een kilometer, zowel aan het maaiveld als diep onder de grond. Bij de oude én nieuwe putten is bovendien standaard monitoring nodig van de doorboorde watervoerende pakketten die bijdragen aan de drinkwatervoorziening. Zo kun je vervuiling op tijd signaleren.”

Watervraag in Noord-Brabant

Hans Bousema, senior adviseur Strategie & Beleid van Brabant Water: “Dit onderzoek geeft ons argumenten om bij het Ministerie van Economische Zaken aan te dringen op goede monitoring als onderdeel van een eventuele vergunning voor schaliegaswinning. Maar ook een ander aspect van schaliegaswinning houdt ons erg bezig: wat gebeurt er met de vraag naar water en welke afvalstromen ontstaan er? Er is water nodig om schaliegas te winnen, en daarbij ontstaat afvalwater. Wat betekent dat voor de beschikbaarheid van schoon water in onze regio?” Uit scenarioanalyses blijkt dat er in de eerste 16 jaar jaarlijks tot 1,35 miljoen m³ water nodig is voor boren en (slick water) fracken bij grootschalige schaliegaswinning in Noord-Brabant. In de 17 jaar die daarop volgen is dat nog altijd 0,58 miljoen m³ per jaar.

“Het onderzoek geeft ons argumenten om aan te dringen op goede monitoring”

Afvalwater scherp in de gaten houden

Ook levert schaliegaswinning grote hoeveelheden afvalwater op, dat mogelijk te zout is om te lozen op oppervlaktewater of RWZI-installaties. Afhankelijk van de gebruikte technieken en uitgangspunten kan dit oplopen tot meer dan 35 miljoen m3 over de gehele productieperiode. Bij dit afvalwater hoort ook het zogeheten ‘formatiewater’ dat bij schaliegaswinning omhoog komt uit de bodem. Volgens de huidige regelgeving mag dit afvalwater niet in de diepe ondergrond worden geïnjecteerd, zodat alleen vergaand hergebruik en zuivering overblijven. Cirkel: “Dan blijft altijd nog een reststroom over, die misschien kan worden getransporteerd naar zee en daar geloosd. Of dat ecologisch wenselijk is, is echter ook nog maar de vraag.” Aan de correcte behandeling van het afvalwater dat ontstaat, zitten dus nogal wat haken en ogen, ook als alle procedures netjes en zonder ongelukken worden uitgevoerd. “Het afvalwater dat vrijkomt, vormt door zijn samenstelling een potentiële bedreiging voor het milieu en voor grond- en oppervlaktewater en daarmee voor drinkwaterwinning,” zegt Bousema. “Het is dus belangrijk dat bij eventuele schaliegaswinning scherp in de gaten wordt gehouden, hoe de exploitant omgaat met deze afvalstroom. Lekken naar de bodem kunnen zeer nadelig zijn. Ook op dit front vraagt schaliegaswinning dus om goede monitoring.”

© 2017 KWR Watercycle Research Institute

Tags
Bekijk alle tags
Onderzoeksprogramma
Contact
Zie ook
20 oktober 2014 Integrale, duurzame oplossingen voor de samenleving 15 september 2014 “Water en energie grijpen steeds meer in elkaar”
Iets heel anders
Peter van Thienen presenteert de VLPV-methode bij het waterbedrijf van Kaapstad. 08 september 2014 Aan de slag met lekverliezen in Zuid-Afrika 06 oktober 2014 Reststoffen als bron van waardevolle nieuwe voedseleiwitten

open